Beslag op vordering
Indien de crediteur tegenover de debiteur een executoriale titel heeft, kan hij ook beslag leggen op vorderingen die de debiteur toekomen (b.v. banktegoeden, arbeidsloon, tegoeden bij levensverzekeringen, uitstaande betalingen voor verleende diensten, huurinkomsten enz.).
Voor dat doel moet de crediteur c.q. zijn vertegenwoordiger bij de bevoegde rechtbank een beslagleggings- en overmakingsbesluit aanvragen. Door het beslagleggings- en overmakingsbesluit wordt op de vordering beslag gelegd waarna deze aan de crediteur wordt overgemaakt. Nadat de rechtbank het beslagleggings- en overmakingsbesluit heeft genomen, ontvangt de deurwaarder een opdracht tot betekening. Door de betekening aan de derde-beslagene wordt het beslagleggings – en overmakingsbesluit van kracht.
De derde-beslagene heeft nu twee weken de tijd om aan te geven of de vordering terecht is en of hij bereid is te betalen. Deze verklaring wordt een schuldverklaring van derden genoemd.
Bij een beslag op vordering is haast geboden omdat bij de verdeling van
eventuele tegoeden het tijdstip, waarop het beslagleggings- en overmakingsbesluit
aan de derde-beslagene wordt betekend, bepalend is. Dat wil zeggen, de
beslagen worden in volgorde van binnenkomst bij de derde-beslagene bediend.
Zyklop Inkasso Service Lexikon

